Paarden.

Paard bestond al zo'n 70 miljoen jaar. De paarden van toen hadden een heel ander uiterlijk. Het paard hete toen: De Hyracotherium, een beestje ter grootte van een haas. Het had grote voeten met vier tenen aan de voorbenen en drie aan de achterbenen. Het woonde in een dicht beboste gebieden en at bladeren en zachte takken.

Veel oersoorten zijn toen uitgestorven. Toch hebben de mensen het paard veel later leren gebruiken, en het paard tam gemaakt. Men vermoedt dat dit zo'n 3500 jaar geleden begon. Het tam maken van deze dieren was een lastige taak. Er bestaan nu zo ongeveer 200 pony en paarden rassen. 

Je kan een pony en een paard makkelijk uit elkaar vergelijken. Een pony is kleiner dan een paard en zijn buik is ronder, Een paard is veel groter dan een pony en een paard is dunner. 

  

 

Zebra’s zijn familie van de paarden en ezels.  Deze familie heet eenhoevige want dit is de enige familie op de wereld die één hoef aan de voet heeft. Van deze familie is de Zebra het enige wilde dier nog. Vroeger hebben ze wel eens geprobeerd om Zebra’s tam te maken zodat je ze net als een paard kon gebruiken. Ze zijn erg vriendelijk maar als ze iets moeten, zijn ze erg agressief en eigenwijs.  Ook zijn de zebra’s kleiner en niet sterk genoeg om een kar te trekken of om op te rijden. Zo komt het dat een Zebra nog steeds een wild dier is.

De zebra leeft in het wild in Afrika. Het is een planteneter; hij eet vooral oud, hoog gras, maar soms ook blaadjes en struikjes. Hij eet de hele dag door. In de regentijd is er genoeg gras, maar als het erg droog is, moeten ze soms grote afstanden lopen om aan eten te komen. De zebra drinkt 1 of 2 keer per dag, maar kan ook 2 dagen zonder drinken.

Zebra’s leven altijd met elkaar in een groep en is daarom een kuddedier. Eén groep bestaat vaak uit  15 zebra’s. Ongeveer 6 merries met veulentjes en een paar hengsten. Soms zie je meerdere groepen met elkaar. In zo’n groep is altijd agressief gedrag. Hengsten gaan dan op hun achterpoten staan en trappen en bijten elkaar. Dit doen ze om te laten zien wie de baas is en om indruk te maken bij de merries.

Een merrie heeft maar een paar dagen per jaar zin om te paren, dit kan een hengst ruiken aan haar plas en moet er dan snel bij zijn. Een merrie is tussen de 11 en 13 maanden zwanger en krijgt bijna altijd één jong. Als het veulentje geboren wordt gaat zij zich een paar dagen afzonderen. Het veulentje weegt bij de geboorte ongeveer 35 kilo en heeft bruine strepen. Binnen 10 minuten kan het op zijn benen staan en binnen 1 uur kan het lopen en rennen. Het veulentje heeft lange benen anders valt hij te snel op voor de roofdieren. Al na een paar dagen herkent hij zijn moeder aan haar strepen. Na een maand eet hij gras, na 4 maanden krijgt hij zijn echte strepen en ongeveer een jaar drinkt hij bij zijn moeder.

De giraffe.    (over de giraffe is veel meer info!)

Giraffen komen veel voor in Kenia en Tanzania. Dat zijn twee landen in Afrika. De giraffe behoort tot de familie van de evenhoevigen. Dat ze dus twee tenen hebben. Een ander dier dat ook bij dezelfde familie hoort is de okapi. Dat is een giraffe-achtige. De giraffe heeft net zoveel halswervels als een mens dus 7 halswervels, maar omdat die wel dertig cm per wervel zijn, is die nek zo vreselijk lang. Tel je daar de lange poten nog bij, dan kan een volwassen giraffe wel 6 meter hoog worden. Giraffen hebben ook nog kleine stompe horens. Ze zijn bruin met  zwarte pluimpjes erop.

Eten en drinken.

De giraffe heeft ook nog een hele  bewegelijke tong. De tong is 40 cm lang en is helemaal zwart. Ook is die tong wel heel sterk, hij kan er bladeren en takjes mee van de boom afrukken. De giraffe eet wel 12 uur per dag. De giraffe eet: bladeren, takken, doorns en de vruchten van de leguminosae  en doorns van de acacia. Als er lange tijden van droogte zijn kan hij lang zonder water. Maar wanneer een giraffe moet drinken kan een leeuw of een hyena hem gemakkelijk aanvallen. Om te drinken moet hij namelijk zijn voorpoten spreiden. Een hyena of leeuw valt aan in de nek dat is de meest gevoelige plek van de giraffe.

Gewicht, lengt en leeftijd.

De wetenschappelijke naam voor de giraffe is: Giraffa camelopardalis. De Engelse naam is: gewoon hoe wij zeggen giraffe. De meeste giraffen worden 15 tot 25 jaar en de lengte is meestal 4 tot 6 meter. Het gewicht is van 550 kilo tot 1930 kilo. Giraffen zijn sociale dieren. Zij leven in groepjes van 5 tot 20, of soms zelfs 40 dieren, aangevoerd en bewaakt door een vrouwtje. Hun sterke gezichtvermogen en gehoor waarschuwen hen voor naderend gevaar. Giraffen kunnen heel hard rennen, als ze moeten vluchten, de snelheid is: 65 km per uur en hij kan ook nog zwemmen.

soorten giraffen.

 

De netgiraffe.

De netgiraffe is te herkennen aan de grote hoekige vlekken die wordt gescheiden door rechte witte lijnen. Hij komt voor in het Noordoosten van Afrika.

De Angolagiraffe.

De angolagiraffe lijkt veel op de netgiraffe. Dus ook grote hoekige vlekken. Alleen zijn deze wat lichter en onregelmatiger. Hij komt voor in Zuidelijk Afrika.

 

 

 

 

De massaigiraffe.

De massaigiraffe heeft donkere, onregelmatige vlekken. Ze zijn nog onregelmatiger dan de vlekken van de angolagiraffe. Hij leeft in Kenia en Tanzania.

De okapi.

De Okapi is een bosgiraffe ze komen alleen voor in het Ituriwoud in Zaïre. De Okapi is een soort kruising van een giraffe en een zebra. De Okapi is naaste familie van de giraffe, maar is veel kleiner en zijn nek is niet zo lang. Het meest opvallend aan het uiterlijk zijn de witte strepen op zijn poten, die sterk in tegenstelling staan met zijn donkerbruine lijf. Hij heeft grote ogen en oren en alleen de mannetjes hebben twee stompe horens. De okapi heeft een dertig centimeter lange blauwe tong, de schoft hoogte is ongeveer anderhalve meter  en hij weegt 250 kilo. Een echte telling is nog niet gedaan, maar er wordt aangenomen dat er 10 tot 25 duizend Okapi’s in het wild leven. Er zijn ongeveer 80 Okapi’s in dierentuinen in de wereld te bekijken. In Amerika zijn 41 dierentuinen waar Okapi’s te zien zijn.

De olifant.             (Er is meer info over de olifant.)

De olifant is het grootste dier dat op het land leeft. Een olifant kan 6.000 kilo wegen en 3.5 tot zo'n 4 meter hoog worden.
Geen enkel dier heeft zo'n lange slurf. Er zijn wel dieren met een kortere slurf (of langere neus) zoals tapir en olifant spitsmuis.

De slurf.

Wat is nu eigenlijk een slurf? Eigenlijk is een slurf in de loop van de jaren ontwikkeld uit de neus en de bovenlip van de dieren. Binnenin de slurf zitten eigenlijk twee buizen, die lijken op neusgaten. Waarschijnlijk hadden de vroegere slurfdieren wel al slagtanden en daardoor konden ze moeilijker aan voedsel komen. De slagtanden hingen wat in de weg. De langere neus maakte het makkelijker.

De slagtanden.

Slagtanden
Slagtanden hebben net als de slurf ook functies:
Ze kunnen de slagtanden gebruiken om mee te vechten en te werken.
De slagtanden groeien aan vanaf zijn tweede (eerst worden het stoottanden genoemd). Een helemaal grote slagtand kun je maar voor 2/3 zien want de rest zit in hem gegroeid. De allergrootste slagtand die ooit gevonden is weegt 102 kilo.

Het eten en drinken van een olifant.

Per dag eet een Afrikaanse olifant 200 kilo, een Aziatische olifant eet iets minder. De olifanten eten vooral veel gras, maar ook wortels en boomschors. Olifanten zijn de enige dieren die hout eten. Een olifant drinkt zo'n 70 tot 160 liter per dag. BIj de drinkplaatsen komen veel olifanten bij elkaar ze gaan dan gezellig in bad.

Een olifant vangen en temmen.

In Azie gebeurt het al heeeeeel lang dat jonge olifanten getemd worden en daarna worden ze gebruikt om dingen te vervoeren zoals boomstammen en hogere mensen. Vroeger werden olifanten ook wel gebruikt voor oorlogen er werd dan een soort toren op de rug gezet en dan konden de soldaten vanuit die toren precies zien wat er gebeurde. Op zijn rug kan een olifant een gewicht dragen van 500 kl. Nu worden olifanten vooral gebruikt om toeristen op rond te rijden.

Kuddes.

Een olifant leeft graag in een kudde. Een kudde bestaat meestal alleen uit vrouwtjes en jonkies. De oudste en het wijste meisje wordt de matriarch (leidster). Als een bul (zo heet een jongen) tien jaar wordt dan gaat hij vaak zelf uit de kudde. Als hij dat niet doet wordt hij er gewoon uitgezet. Een kudde bestaat ook alleen maar uit meisjes. Er komen wel andere bullen bij de groep anders zouden er geen nieuwe jonkies meer komen. Een kudde is vaak goed bevriend met andere kuddes.


 

Het nijpaard.

Het nijlpaard is het grootste zoogdier dat in zoetwater leeft.
Een mannetjesnijlpaard wordt de stier genoemd, de vrouw is de koe, en het jong is het kalf. Zowel mannetjes als vrouwtjes zijn volwassen als ze 2 jaar zijn. Deze viervoeter woont in Afrika ten zuiden van de Sahara tot Namibië en Zuid-Afrika. Hij leeft het liefst in rivieren of meren van grassteppen. Overdag krijgt het nijlpaard soms zin, om zich uit het water op een modderbank te hijsen: zo kan hij een zonnebad nemen, waarbij hij soms op verrassende wijze van kleur veranderen. Nijlpaarden leven in groepen van 10 tot soms wel 100 nijlpaarden. In elke groep is er een leider van ongeveer 20 jaar oud, als iemand hem verslaat wordt hij de leider. Alle Nijlpaarden bij elkaar geteld zijn er ongeveer 160.000. hoewel er vroeger veel meer leefden…

Het nijlpaard is erg lui. Het dobbert de hele dag wat rond in het water en als het niet te warm is, neemt het misschien wel een zonnebad. Het wordt nog het meest moe van af en toe gapen, want dan moet hij de enorme muil open doen. En weer dicht. En daar kun je heel moe van worden………

Als een nijlpaard uit de groep dood gaat, blijven alle Nijlpaarden er nog lang bij. Ze duwen zacht met hun snuit tegen het dode dier, en houden krokodillen uit de buurt.

Schapen.          (Bij schapen zijn nog wat weetjes!)

Vroeger werden schapen heel anders verzorgd als nu. Vroeger werden de meeste schapen niet geschoren, en als ze geschoren werden gebeurde dat met een schapenschaar. Vroeger werden de schapen nog niet in een wei gehouden. Toen waren er kuddes schapen die bij elkaar bleven. Die kuddes liepen altijd gewoon los. Meestal liep er een herder bij de kuddes. Die herders hadden vaak een of twee honden bij. De honden liepen dan rondjes om de kudde heen, zodat de schapen bij elkaar bleven, en niet weg konden lopen. Dat noem je schapen hoeden. De honden waren dus eigenlijk lopende hekken. Honden die er vaak voor werden gebruikt zijn: border collies en beaucerons ( Franse herdershond ).Vroeger werden er ook al truien van schapenwol gemaakt, net zoals nu. Maar vroeger werden de truien met de hand gemaakt. Tegenwoordig gebeurt dat met machines.

Weetjes van schapen!

 

Wist je dat......

een lam 38,5 tot 40, 5 graden moet zijn

een volwassen schaap 38,5 tot 40 graden moet zijn

een schaap alleen tanden in zijn onderkaak heeft

de 24 kiezen van het schaap in de boven en onderkaak zitten

een schaap 8 snijtanden heeft

je aan het slijten van de tanden kunt zien hoe oud het schaap is

een schaap 4 magen heeft, de pens, de lebmaag, de boekmaag en de netmaag

krachtvoer extra wordt bijgegeven aan drachtige ooien, en ooien met lammeren.

een schaap gemiddeld 147 dagen zwanger is

het aantal lammeren afhangt van het ras

een schaap zeslingen kan krijgen

het kleinste ras gemiddeld 14/15 kilo weegt

een zwaar vleesras wel 120/145 kilo kan wegen

een schaap wel 20 jaar kan worden

een schaap op zo’n leeftijd zijn tanden en kiezen verliest waardoor hij niet goed meer kan eten

er 13 Nederlandse schapenrassen zijn, de texelaar, de blauwe texelaar, de  noord hollander, de swifter, de flevolander, het zeeuws melkschaap, het fries melkschaap, de zwartbles, het drents heideschaap, de schoonebeeker heideschaap, de mergellander, het veluws heideschaap en het kempisch heideschaap.

De buffel.

In Afrika komen 2 soorten buffels voor. De kaapse of kaffer buffel en de bos of dwerg buffel. De kaapse buffel behoord tot de big five. In de big five komen 5 dieren voor de leeuw olifant neushoorn luipaard en de buffel. Vooral in 1950 trokken regelmatig rijke jagers naar afrika om op de big five te jagen.Dit deden ze om de macht en huid en om als trofee mee te nemen.

De gazelle.

De gazella (Latijns) oftewel gazelle is een mooi slank dier en licht gebouwd met lange dunne poten en daaraan kleine hoeven. De gazelle heeft lange hoorns met ringen. De hoorns zijn meestal in de vorm van een S,maar je hebt ze ook in een spiraalvorm. De langste hoorn komt voor bij de Grant’s gazelle.
(maximaal 75 cm lang) Je herkend hem dan ook wel aan zijn hoorn maar ook aan zijn donkere streep op zijn buik. (dat heeft hij meestal) Ook heeft hij een wit achterwerk. Dat wit loopt door tot op zijn borst. Soms loopt dat door tot boven op zijn hoofd.
De familie van de gazelle is de antilope. En als je zijn precieze familie wilt weten dat is: de Bovidea.
De meest bekende gazelle is de thomson-gazelle (daar gaat ook de bovenste informatie over). Daarna heb je nog andere soorten gazelle zoals de girafgazelle, (gerenoek) de damagazelle en dat zijn nog maar 3 soorten gazellen van de 12 soorten die er bestaan.

Als een gazelle met een andere gazelle wil paren, is hij slim. Soms wordt hij verjaagt omdat hij zijn hoorns omhoog heeft, met meestal de bedoeling om het andere mannetje uit te dagen tot een gevecht. Daarom hebben sommige gazellen de manier om hun hoorns op de zelfde hoogte te houden als zijn rug met de bedoeling niet te vechten. Als het wijfje niet wegloopt heft hij zijn kop hoog op. Daardoor verdwijnen zijn hoorns helemaal uit het gezichtsveld van het wijfje. Daarna bespringt hij haar en probeert haar te dekken. De paring vindt plaats als de gazellen allebei langzaam lopen. Bij de thomson-gazelle is dit gedrag anders Het mannetje loopt met opgeheven snuit naar het vrouwtje toe en hij raakt haar zachtjes aan met zijn voorpoot. Als blijkt dat ze bronstig is, volgt de paring.
Als de gazelle een jong verwacht is de draagtijd van dat jong is 6 maanden (165-210 dagen) en dan wordt de jonge gazelle geboren. Een gazelle werpt per jaar 1 jong. Als de moeder voedsel gaat zoeken laat ze haar jong alleen, die wacht dan net zo lang tot de moeder hem roept. Ze roept hem dan en als hij komt controleert ze altijd even of het wel haar jong is. Als zij geen voedsel zoekt is het jong bij haar. In het begin is de kleine gazelle constant bij haar en drinkt melk. Als de jonge gazelle groter wordt gaat hij mee-eten met de andere gazellen. Een gazelle wordt maximaal 20 jaar en normaal worden zij 10-15 jaar oud.

Een kudde gazellen bestaat uit 60 of meer dieren met aan het hoofd een territoriaal mannetje. Je hebt ook kuddes van alleen maar oude mannetjes,
dat heet een vrijgezellen kudde. Een kudde gazelle bestaat uit veel vrouwtjes
en jongen. Als een kudde graast staan de lagere rangen aan de buitenkant en de hogere aan de binnenkant.

De kameel.

De kameel heeft twee bulten. Anders dus dan de dromedaris: die heeft er maar één. In de bulten zit vet. Dat is handig voor een dier dat in de woestijn leeft waar soms wekenlang geen groen sprietje te vinden is. Bovendien komt er water vrij als de kameel het vet verteert. En een kameel zweet niet snel. Hij kan daardoor lang zonder drinken.

In de winter heeft een kameel een dikke vacht. In de zomer valt die in grote plukken uit.

Kamelen leven in groepen van 6 tot 30 vrouwtjes, hun jongen en 1 volwassen man. Een vrouwtje krijgt maar één jong per keer. Ze is vaak langer dan een jaar zwanger. Een baby-kameel kan al na 1 uur lopen. Hij drinkt 1 tot 2 jaar melk bij zijn moeder.

In het wild is de kameel erg zeldzaam.

De yak.

De yak is een rund (een soort koe dus) met lange, zwarte haren. Zijn horens kunnen erg lang worden: bijna een meter. Vroeger werd de naam geschreven met een y, dus yak.

Yaks leven in het Himalaya-gebergte en de hoogvlakte van Tibet. Ze kunnen goed tegen de kou. Al lang geleden zijn yaks tam gemaakt. De mensen uit de bergen houden ze om hun melk, wol en vlees. Ook laten ze de sterke jaks spullen dragen.

In het wild is de yak erg zeldzaam geworden. Er leven er nog ongeveer 500. Wilde yaks worden een stuk groter dan tamme.