Haaien.

Veel mensen zijn bang voor haaien en denken dat haaien zeer gevaarlijk zijn voor mensen. Het grappige is dat dit vaak niet zo is. De meeste haaien vallen geen mensen aan en de haaien die dit wel doen, doen dit meestal als vergissing. 

Er zijn maar liefst 375 haaien bij ons bekend. Maar het kunnen er ook wel meer zijn. Haaien zijn kraakbeenvissen waar ook robben toe behoren. De huid van de haai is zeer ruw en heeft speciaale schubben. De schubben hebben kleine tandjes en daardoor is de huid van de haai zo ruw. Gemmiddeld wordt de haai tussen de 1 of 2 meter lang, maar dit kan ook veel langer of juist veel korter zijn. De langste haai is de walvishaai die kan wel tot de 12 meter lang worden! 

Dolfijnen.

Dolfijnen zijn zoogdieren. Ze horen tot de groep Tandwalvissen. Dolfijnen hebben zich in hoge mate aan de zee aangepast en bezitten daardoor vele eigenschappen die hen van andere dieren onderscheiden. Zowel de grote als de kleine soorten hebben de vorm van een uitgerekte torpedo, geheel gestroomlijnd vanaf het topje van de neus tot aan de slanke, ankervormige staart. Ondanks hun omvang bewegen ze zich gemakkelijk door het water.
Hun staart golft in een rustige
beweging op en neer en drijft hen zo voort met nauwelijks enige turbulentie in het water of verspilling van kracht. Dolfijnen
halen 30 kilometer per uur. Dolfijnen dragen hun neusgaten boven op hun hoofd. Ze ademen uit door te spuiten', als ze aan de oppervlakte komen en ademen in voordat ze weer onderduiken. Dolfijnen brengen daarom het grootste deel van hun leven door aan het wateroppervlak of in de buurt daarvan. Alle Tandwalvissen zien en horen goed en hebben een zachte en gevoelige huid die rimpelt als ze door het water zwemmen, waardoor de wrijving verminderd. De meeste zijn volledig onbehaard, hun onderhuids vet 'blubber' zorgt voor de isolatie. Geluiden en gehoor De geluiden die Dolfijnen onder water voortbrengen zijn velerlei: kwetteren, kraken, knarsen en fluiten. Deze ultrasone geluiden worden gebruikt voor echopeilingen, want de dieren beschikken ook over een zeer gevoelig gehoororgaan, dat tonen met een frequentie tot 200.000 Hz (trillingen per seconde) kan waarnemen. Bij de mens ligt deze bovenste gehoorgrens bij 20 000 HZ. In gevangenschap kunnen Dolfijnen ook geluiden in de lucht voortbrengen, zoals klikken, fluiten en blazen. Dat er een dolfijnentaal bestaat is zeker niet uitgesloten. Wat opvalt is dat Dolfijnen met hun echo peiling of sonar ook geregeld elkaars lichaam aftasten. Feilloos voelen ze elke stemming, elk gevoel en elk ongemak aan en ze reageren daarop.
 

Walvissen. (Bij walvissen zijn walvissoorten

De walvis is eigenlijk geen vis, maar een zeezoogdier. Het zijn de reuzen van de zee. Walvissen vind je in alle zeeën.

Walvissen vormen een grote groep van ongeveer 90 soorten warmbloedige zoogdieren die aangepast zijn aan het leven in de zee. Walvisachtigen zijn in twee grote groepen verdeeld; baardwalvissen en tandwalvissen. Tandwalvissen hebben scherpe tanden in hun bek waarmee ze vissen of andere zeezoogdieren kunnen vangen en opeten. In deze groep horen bijvoorbeeld de potvissen, de zwaardwalvissen, de dolfijnen en de tuimelaars thuis.In de bek van een baardwalvis hangen rijen baleinen dat is dus de baard waarmee hij kleine zeediertjes uit het water zeeft. In deze groep hoort bijvoorbeeld: de blauwe vinvis, het grootste dier aller tijden.

De Blauwe vinvis.

De grootste walvis is de blauwe vinvis de lengte van het mannetje is 25m en van het vrouwtje 16m. Ze kunnen wel 90 t/m 144 ton worden! Ze leven in alle oceanen. De blauwe vinvis voedt zich met garnaalachtige schaaldieren,
waaronder krill. Zodra de blauwe vinvis een school van deze schaaldieren vindt, opent hij zijn bek die groot genoeg is om een touringcar in te parkeren en maakt deze nog groter door de plooien in zijn keel uit te zetten. Op deze manier stroomt er een gigantische hoeveelheid water naar binnen, waarin duizenden schaaldiertjes zitten. Vervolgens doet hij zijn kaken dicht en drukt liet water er via de zijkanten van zijn bek uit, waardoor de schaaldieren achter blijven. Daarna verzamelt hij met zijn enorme tong de diertjes zijn keel in.

De potvis.

De potvis is de enige grote tandwalvis. Mannetje 8,5m vrouwtje 11 m. Gewicht tot 40 ton. Hij komt voor over de hele wereld, en er zijn waarschijnlijk het meeste van alle grote walvissen. Zo nu en dan wordt er nog wel eens één gedood door traditionele walvisjagers op de Azoren, maar verder wordt er niet meer op gejaagd. De potvis jaagt op de pijlinktvis en kan heel diep duiken.

De orka.

De orka is eigenlijk een soort dolfijn en het hoort bij de groep tandwalvissen. Het zijn eigenlijk hele gekke beesten, omdat ze soms walvissen opeten. Ze zijn zelf een soort walvissen, maar ze eten ook andere zoogdieren zoals: Inktvis, vis, pinguing en zeehond.

Ze leven meestal in familiegroepen, die uit 4 tot 40 orka's bestaan. Ze kunnen 8m worden en 8 ton zwaar. Over de orka gaat allerlei gruwlijke verhalen rond, zoals de moordernaar van de ocean. Geen enkele zeedier is veilig voor deze reus. Toch is hij niet zo moortlustig als mensen denken.

De orka wordt net als dolfijnen gebruikt om mensen te vermaken. Ook het Dolfinarium heeft een orka in gevangenschap gezet de orka hete, Morgan.

De zeeschildpad 

zeeschildpadden leven al heel heel heel erg lang in de zee. De voorouders van de schildpadden leefden samen met de dinosaurussen! De zeeschildpad is een reptielsoort. Hij draagt een pantser met zich mee: het schild. Hierin kan hij zich verschuilen als er gevaar dreigt. In tegenstelling tot de landschildpad kan de zeeschildpad zijn hoofd niet terug trekken in zijn schild.

De poten van een zeeschildpad zijn net peddels, de tenen zijn aan elkaar gegroeid. De poten zijn ook klauwen om voedsel te verzamelen.

Zeeschildpadden komen in alle oceanen voor. Maar het water moet er wel warm genoeg zijn. Ze wonen hun hele leven in de zee. (En dat kan wel een halve eeuw lang zijn!) Alleen het vrouwtje komt op land om eieren te leggen! Dan zwemt ze naar een verlaten strand en zoekt een geschikt plekje uit om haar eieren te leggen. De eieren legt ze in een holletje, die ze zelf graaft. Als de eieren uitkomen is het een hele klus voor de kleine zeeschildpadjes om naar de zee te komen. En zeker niet ongevaarlijk: meeuwen en andere zeevogels vinden zo'n klein schildpadje nog wel een lekke hapje.

Alle zeeschildpadden zijn omnivoren: ze eten plantaardig voedsel en dan vooral zeegrassen en algen. maar ook wel eens kleinde diertjes, zoals krabben, kwallen en mosselen. Ze hebben heel veel eten nodig, want ze zijn allemaal heel groot. De totale lengte van een zeeschildpad kan 1 tot 2 meter lang zijn! Ze hebben weinig vijanden, al lust een Haai wel graag zo'n groot hapje.

 

Zeepaardjes.

Voedsel: Zeepaardjes hebben altijd honger, ze eten dan ook alles wat in hun bek past. Zeepaardjes eten het meest kleine kreeftjes heel kleine visjes garnalen plankton en vislarfjes. Zeepaardjes gaan niet op jacht. Ze wachten tot er een prooi voorbij zwemt en zuigen de prooi dan op. Zeepaardjes hebben geen tanden om hun prooi mee te kauwen.


Uiterlijk: Zeepaardjes hebben de kop van een paard, staart van een aap, ogen van een kameleon en een buidel. De ogen kunnen ze onafhankelijk van elkaar bewegen.
Het zeepaardje heeft een stevige rugvin. Die vin slaat wel 35x op en neer in 1 seconden dat is heel snel. Zeepaardjes hebben geen schubben maar knobbelige richeltjes. Met hun staart kunnen ze zich vasthouden aan zeegras. Zeepaardjes zwemmen niet snel. Ze zwemmen niet met hun staart maar met hun rugvin en borstvinnen. De kop van het zeepaardje wordt als stuur gebruikt. Als de kop naar rechts gaat, dan gaat heel het zeepaardje naar rechts. Als de vinnen van een zeepaardje worden beschadigd, hersteld hij heel snel. Het gemiddelde zeepaardje is 2.5 cm lang en de grootste kan wel 35 worden. Er zijn ongeveer 35 soorten zeepaardjes. Zeepaardjes zijn er in allerlei kleuren. Maar die zie je niet vaak want ze hebben meestal een schutkleur.

Voortplanting: Bij de zeepaardjes wordt het mannetje zwanger in plaats van het vrouwtje. Het mannetje heeft een broedzak waarin het vrouwtje wel 200 eieren legt. De eitjes in de broedzak worden bevrucht door het mannetje. Het vrouwtje hoeft niks meer te doen. Na 4-5 weken worden de kleine zeepaardjes geboren. Na deze gebeurtenis is het mannetje vaak totaal uitgeput en sterft vaak.

Leefomgeving: Zeepaardjes leven in ondiep water, langs de kusten van zeeën en oceanen. Ze leven het meest in koraal, zeegras of zeewier. Je vindt ze het meest in warme plaatsen. In Nederland komen er 2 soorten zeepaardjes voor: Kortsnuit zeepaardjes en langsnuit zeepaardjes. De helft leeft in de zeeën rond Australië. De rest leeft in de oceanen van Europa Noord-Amerika Afrika en in de stille oceaan.

Bedreigd: Omdat zeepaardjes niet hard kunnen zwemmen, zijn ze een gemakkelijke prooi. Ook zijn ze gevoelig voor stormen. Ze kunnen daardoor wegraken van hun leefomgeving en sterven door uitputting. Ook zijn mensen een bedreiging voor de zeepaardjes. Er worden jaarlijks meer dan 20 miljoen zeepaardjes gevangen. In Azië gebruiken mensen zeepaardjes voor genezing tegen astma en ze eten daar ook zeepaardjes. Gedroogde zeepaardjes worden gebruikt als souvenir. Ze worden ook gebruikt om in aquariums te zetten.

De zeester.

De meeste zeesterren hebben vijf armen, maar er zijn er ook met 10 of wel 44 armen

daarop zitten wel honderden of duizenden zuignappen. Waarneer een zeester een arm kwijtraakt

dan groeit hij vanzelf weer aan of waarneer een zeester in tweeën wordt gedeeld groeien zijn

armen gewoon weer uit tot 5 stuks. Dan heb je dus weer 2 nieuwe zeesterren.

De zeester doet zich voortbewegen doormiddel van de zuignappen die onderaan zijn armen zitten.

De huid heeft vaak stekels en knobbels en voelt ruw aan, door deze knobbeltjes haalt de ster adem, door zijn armen kan hij ook adem halen…de huid die hier weer bovenop zit heeft trilhaar.

Als er iets van vuiligheid op zit doet het trilhaar dat weg trillen.de mond zit aan de onderkant

in het midden.daar zit ook de maag, waardoor de ster kan eten.

Ik zal vertellen hoe een ster aan zijn eten komt.de meeste sterren eten graag mosselen of

visvlees, wanneer de ster een mossel vindt  kan hij met zijn voetjes aan de schelpjes trekken

zodat hij ietsje open gaat.

Hij probeert zijn maag naar buiten te duwen en zo de spleet groter te maken.

Wanneer hij open is spuugt de ster er een stof in waardoor de mossel vloeibaar wordt en dus

opgegeten kan worden.als de zeester iets eet en er zit iets bij wat hij niet kan eten dan heeft

hij bij zijn mond 2 tangetjes zitten die het verwijderen.

Zeesterren behoren tot de stekelhuidige zoals bijvoorbeeld de zeekomkommers en de zee-egels.

Zeesterren hebben geen hoofd of hersenen of ingewikkelde zintuigorganen zoals oren, neus, ogen.

Inktvissen.

Inktvissen leven in zee. Ze halen adem met kieuwen  net als vissen. De inktvis is geen vis, maar een weekdier. Weekdieren hebben geen botten en graten. Hun lichaam is zacht.

Aan hun kop, rond hun bek zitten een aantal vangarmen. Er zijn inktvissen met acht armen, de octopus, en er zijn er met tien armen. Inktvissen met tien armen, zoals de zeekat en nautilus, hebben acht even grote armen en twee langere armen. De inktvis rolt de twee langere armen op tegen zijn lijf. Deze inktvissen hebben ook een schelp maar die zitten onder de huid van de inktvis. Veel inktvissen en octopussen hebben zuignappen aan de onderkant van hun armen. Daarmee kan hij zich vasthouden aan een rots of hij gebruikt ze om een prooi te vangen. Tussen de armen zit de bek. De bek heeft een harde snavel om voedsel te malen. Sommige inktvissen hebben gifklieren in hun bek. Boven op de kop zitten grote, bolle ogen waarmee hij kan zien. Achter het oog zit een soort wrat waarmee hij kan ruiken hij heeft ook een lijf, die zit in de plooi van zijn huid. De kieuwen zitten onder aan de buik. 

 Kwallen.        (over kwallen zijn nog soorten.)

Kwallen zijn heel eenvoudig gebouwde dieren die de biologen bij de groep van de 'holtedieren' hebben ingedeeld. Bij deze holtedieren horen bijvoorbeeld ook de Anemonen en de Koralen. Er zijn ook een paar verschillende soorten kwallen. Hoewel de ene soort voor een heftige jeuk kan zorgen, zorgt de andere soort voor 'acute' verlamming. Een van de meest gevreesde kwallen ooit is het ''Portugees Oorlogschip''.

De blauwe haarkwal.

De blauwe haarkwil is van gemiddelde grote, tot ongeveer 30 cm in doorsnede. Zoals de naam al zegt, ze zijn meestal blauw, maar er bestaan ook gele en rode varianten. Deze kwallen hebben lange venijnige tentakels, die een brandende jeuk kunnen veroorzaken. De oppervlakte van de tentakels kunnen wel een 4 tot 5 vierkante meter bedekken.

Rode haarkwal.

Deze kwal is redelijk groot, ze kunnen tot 50 cm in doorsnede worden. Deze kwallen hebben een mengeling van rood en
geel in kleur. Deze kwallen hebben grote haarachtige tentakels. hoewel ze flink kunnen steken, komen ze nauwelijks voor bij ons. Ze zijn over het algemeen vrij zeldzaam in de Noordzee.

Hoewel deze kwal erg veel lijkt op zijn soortgenoot, de blauwe kwal. Is het makkelijk te onderscheiden. De rode haarkwal is veel groter en bijna altijd rood in kleur.

Kompaskwal.

Deze kwal is middelgroot, tot ongeveer 30 cm in doorsnede. Deze kwal wordt gekenmerkt aan de bruine kleur en de V-vormige textuur in het midden. Deze kwallen hebben heel uiteenlopende tentakels, duikers krijgen dan ook vaak te maken met schokken van deze kwal. Ze komen niet veel bij ons voor, maar spoelen soms wel massal bij ons op de stranden.

Deze kwal is erg speciaal. het begint zijn leven als iets mannelijk, daarna wordt het tweeslachtig, en na een periode wordt het uieindelijk vrouwelijk. Als de kwal tweeslachtig is kan de kwal zichzelf bevruchten.

Oorkwal.

Dit is waarschijnlijk een van de meest bekende kwal bij ons. Deze kwallen hebben eigenlijk geen kleur, en hebben korte tentakels aan de rand van de schijf. De vrouwtjes hebben een lichte roze kleur. Deze zijn zeer bekend in de Noordzee. Als je het ongemak moest tegenkomen dat je op een kwal trapt bij ons, is het waarschijnlijk de oorkwal.

Deze kwallen komen overal ter wereld in grote aantallen voor. Ze zijn geen gevaar voor zwemmers. Al spoelen ze elke zomer wel massaal aan op onze kusten.

Zeedruif.

Van deze kwal zullen de zwemmers niet veel last hebben. De zeedruif is immers zo groot als een druif, ongeveer 3 cm. Zeedruiven. Een zeedruif kan niet prikken, van deze kwal hebben we dan ook geen last. Ze zijn weleens te vinden op het strand. deze kwal heeft ook de gewoonte om in grote aantallen aan te spoelen op het strand.

De krab.

De gewone- of echte krab ziet er heel anders uit; meer gedrongen en met korte poten. Opvallend is zijn manier van voortbewegen: hij loopt dwars naar opzij. Wordt aan boord gekookt en daarna ingevroren. Heerlijk in krabsalades. Soorten: slaap, paramola, schaam, Noordzee, blauwe, strand, steen, zwem, blauwpoot, fluwelen-, geknobbelde, breedpoot, diepzee, wenk, spinkrab.
kan zeer groot worden tot wel 10 kilo en met poten tot 80 cm. Het duurst is de red king crab of de Alaska king krab die door de Russen, Japanners en Amerikanen in de Pacific wordt bevist. Wordt veel ingeblikt en verkocht als King Crab. Ook de Noorse Koningskrab wordt veel aangevoerd. De reusachtige poten worden door Schmidt los verkocht (diepvries). De koningskrab.